Het is hoog tijd voor een revisie van de wet op het hoger onderwijs

21-11-2018

Volgens Kristel Baele (Erasmus Universiteit) is het met oog op internationalisering hoog tijd voor een update van de WHW.

"De wet op het hoger onderwijs stamt uit een tijd waarin internationalisering slechts een marginale rol speelde in het hoger onderwijs." Tijdens een congres over internationalisering op initiatief de VSNU en de Erasmus Universiteit roept Kristel Baele op om de wet eens grondig te herzien. "De tijden zijn veranderd. We moeten gewoon eerlijk zijn en concluderen dat de WHW wel een revisie kan gebruiken.” 

Op deze middag georganiseerd door de VSNU en de Erasmus Universiteit staat niet het ‘of’ maar het ‘hoe’ van internationalisering centraal zo licht Jurgen Rienks (VSNU) toe. Rienks, die in februari zal beginnen aan zijn nieuwe functie als directeur bij Neth-ER vraagt de aanwezigen om de dag te besteden aan concrete aanbevelingen. “Ik wil iedereen vandaag vragen vooral te kijken naar wat we zelf kunnen doen om een inclusief klimaat te scheppen waarin internationalisering binnen onze instellingen kan slagen.”

Geen onoverbrugbare kloof

Voordat iedereen aan de slag gaat is het woord aan gastvrouw Kristel Baele, voorzitter van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Zij wijst de zaal erop dat het aanwezige gezelschap waarschijnlijk vrijwel gelijkgestemd is over de waarden en het belang van internationalisering, maar dat het maatschappelijk draagvlak wankel is. “Ik zie twee kampen in het internationaliseringsdebat. De een die het als een zegen ziet en de ander als vloek. Maar dit is geenszins een onoverbrugbare kloof. Hier kunnen we gewoon uitkomen door middel van gesprek.”

Baele schetst wat volgens haar het werkelijke dilemma is: “We moeten de deuren openhouden voor internationale studenten zonder dat we de Nederlandse studenten de toegang tot het hoger onderwijs ontzeggen.” Volgens haar is dit niet alleen nodig om op de lange termijn genoeg hoger opgeleiden op de arbeidsmarkt te hebben, het is ook een kwaliteitsimpuls voor het hoger onderwijs zelf. “Internationalisering is een voorwaarde voor goed en kwalitatief hoogwaardig hoger onderwijs.”

Het Nederlandse hoger onderwijs is vanwege zijn kwaliteit internationaal aantrekkelijk, en dat zal het blijven, stelt Baele. Als analogie gebruikt ze de situatie rondom het toerisme in de hoofdstad. “Amsterdam kan morgen stoppen met reclame maken in het buitenland, de toeristen zijn dan niet in een keer weg. Dat geldt ook voor het hoger onderwijs, Nederland is gewoon een land met goed hoger onderwijs, dat is morgen niet ineens weg en blijft dus aantrekkelijk.”

De wet op het hoger onderwijs is verouderd

Controle is waar instellingen naar zoeken, en daarvoor voelt Baele zich toch genoodzaakt om naar Den Haag te kijken. “Op dit moment hebben we binnen de wet maar één instrument om de instroom van studenten te beperken, en dat is de numerus fixus.” Volgens Baele is dit instrument niet het ideale middel, onder andere omdat het te veel ongewenste neveneffecten heeft. “De wet op het hoger onderwijs stamt bovendien uit een tijd waarin internationalisering slechts een marginale rol speelde in het hoger onderwijs. De tijden zijn wat dat betreft totaal veranderd. We moeten gewoon eerlijk zijn en concluderen dat de WHW wel een revisie kan gebruiken.”

Voor veel van de opleidingen is het een cruciaal onderdeel van succes dat er een vorm van selectie mogelijk is. Opleidingen moeten zelf hun studentenpopulatie samen kunnen stellen vindt Baele. In haar betoog benadrukt ze nogmaals dat er een ‘toolbox’ nodig is om met de internationale instroom van studenten aan te gaan. Onderdeel van die toolbox kan volgens haar liggen in de oplossing die eerder werd aangedragen door Marijk van de Wende en Anton van der Hoeve (Universiteit Utrecht). “Geef ons de mogelijkheid om selectie op een Engelstalige track mogelijk te maken.”