KNAW: Academisch onderwijs en onderzoek kunnen niet zonder elkaar

17 december 2018

De verwevenheid van onderzoek en onderwijs, de kern van academisch onderwijs, staat onder druk. Dat komt door de scherpe competitie in het onderzoek, de grotere waardering voor onderzoek dan voor onderwijs, de toename van het aantal studenten en de werkdruk van het academisch personeel. De KNAW constateert dat in een vandaag verschenen position paper. Dit meldt de KNAW.

Het samengaan van onderzoek een onderwijs is al sinds jaar en dag de kracht van de universiteit. Alle studenten krijgen onderwijs over wetenschappelijke methoden en over recente inzichten uit wetenschappelijk onderzoek. Daardoor ontwikkelen ze een onderzoekende en kritische houding. Dat is ook nuttig voor academici die na hun studie in banen buiten de universiteit terecht komen waarbij ze in staat moeten zijn om de nieuwste wetenschappelijke informatie te kunnen gebruiken. Er spelen verschillende factoren een rol bij de druk op de eenheid van onderzoek en onderwijs.

Competitie

Meer dan de helft van het universitaire onderzoek wordt gefinancierd door fondsen buiten de universiteit, en de competitie om financiering te krijgen is groot en kost veel tijd. Bovendien werken onderzoekers steeds vaker in brede thema’s, die verder staan van de discipline waarin de student wordt opgeleid. Er zou, vindt de KNAW, in subsidieaanvragen aandacht moeten zijn voor de vertaling van onderzoek naar onderwijs. Verder moet het uitgangspunt blijven dat iedereen, ook de onderzoekers die succesvol zijn bij het binnenhalen van onderzoeksgeld, bijdraagt aan het onderwijs. 

Waardering

Het verschil in waardering tussen onderzoek en onderwijs is de laatste tijd in bredere kring punt van discussie. Van oudsher worden in de functies van hoogleraar en universitair (hoofd)docent de taken onderzoek en onderwijs gecombineerd. Maar in praktijk wegen de prestaties op onderzoeksgebied veel zwaarder mee in hun carrièreverloop. De KNAW pleit voor meer differentiatie van carrières. Daarvoor zijn er indicatoren nodig om onderwijsprestaties te meten, en moet er meer aandacht zijn voor prestaties van onderzoeksgroepen in plaats van individuele wetenschappers.

Studentenaantallen

Ondertussen stijgen de studentenaantallen en daalt de rijksbijdrage per student, terwijl het aantal wetenschappelijke posities minder snel groeit. Bij de universiteiten leidt dat tot een toename van het aandeel wetenschappelijk personeel met alleen een onderwijstaak. Dat is vanuit het oogpunt van de verwevenheid van onderzoek en onderwijs niet wenselijk, maar acceptabel als de docenten daarbij de kans krijgen om kennis te nemen van de laatste ontwikkelingen in het onderzoek. De KNAW juicht de recente plannen van de universiteiten toe om de professionalisering van docenten verder te ontwikkelen. 

Meer informatie