Piratenjacht

15 augustus 2012

Hij is een man met een missie. Mathieu Goudsmits, director Research bij beveiligingssoftwareleverancier Irdeto, kan zich oprecht opwinden over illegale verspreiding van auteursrechtelijk beschermd werk. Binnen Sentinels werkte zijn bedrijf Irdeto mee aan het project CREST, waarin watermerken als beschermingsmechanisme onder de loep werden genomen. Daarnaast was het betrokken bij Kindred Spirits, dat met name privacy van de gebruiker centraal stelde.

Irdeto werkt aan beveiliging van software in het algemeen. Dat kan gaan om de beveiliging van persoonsgegevens in apps voor tablets of in smartcards voor betaaltelevisie, of om watermerken in video’s om illegaal kopiëren tegen te gaan. Op deze beide terreinen participeerde de research afdeling van het bedrijf onder leiding van Goudsmits in projecten van Sentinels.


Ing. Mathieu Goudsmits, Irdeto 

‘Binnen CREST hebben we gekeken naar watermerken, met name voor traitor tracing toepassingen. Betaalvideo's bijvoorbeeld bevatten watermerken, zodat ze niet te kopiëren zijn.’ Slimme piraten weten dat watermerk echter soms alsnog te omzeilen. ‘Je ziet dat piraten soms twee video's over elkaar leggen om het watermerk te camoufleren. Wij wilden binnen het Sentinels-project methodes ontwikkelen waarmee we kunnen traceren welke twee video's dat waren, om zo de daders te kunnen achterhalen.’

Link met universiteiten belangrijk
Goudsmits is zeer te spreken over CREST. ‘Het project is zeer succesvol geweest. Er zijn een paar hele goede studenten bij ons bedrijf afgestudeerd en inmiddels werkt er weer een onderzoeker op dat project een aantal maanden bij ons in huis.’ Zo’n fysieke samenwerking met academische onderzoekers werkt goed, zegt Goudsmits. ‘Op universiteiten denkt men vaak te academisch. Het heeft zowel voor de student als voor ons meerwaarde als iemand een paar maanden meemaakt hoe ontwikkelingen in het bedrijfsleven gaan. Zo komt zo iemand meer met twee voeten op de grond. Voor puur academisch onderzoek zijn wij te klein. Daarom is voor ons die link met de universiteiten zo belangrijk.’

Binnen het tweede project waar hij aan meewerkte, Kindred Spirits, werd gekeken naar aanbevelingen. ‘Ook binnen dat project ging het vooral over werk van professionele makers. In de toekomst verwacht ik dat we meer zullen gaan naar het beveiligen van user generated content.  Groepen zullen er interesse in krijgen om met een tooltje zichzelf en hun content te beveiligen.’

Goudsmits heeft fundamentele bezwaren tegen gratis toegang tot content. ‘Die roep om openheid, om mensen te beschermen tegen grote eigenaren van films enzo... daar komt men nog wel van terug. Hoe meer user-generated content er komt, hoe meer de mensen zelf beveiliging zullen willen. Als je nu alles open gooit, heb je uiteindelijk alleen jezelf ermee.’ Het beveiligen van kleine mobiele devices, zoals tablets, e-books, en smartphones, ziet hij nu als belangrijkste uitdaging. ‘Er wordt steeds meer content gejat en verdeeld. Er zijn mensen die rondlopen met usb sticks met 12.000 boeken erop... Belachelijk gewoon.’

Bron van mensen

Sentinels is een goed programma, vindt hij. ‘De projecten lopen goed, de samenwerking met universiteiten verloopt heel prettig. Zo intensief samenwerken brengt wederzijds begrip. Voor ons zijn er twee belangrijke redenen waarom we hieraan meedoen. Vanzelfsprekend vanwege de kennis die het oplevert, we doen alleen mee aan projecten waar we inhoudelijk voor onszelf het nut van inzien. Maar een tweede hoofddoel voor ons is het opbouwen van naamsbekendheid bij potentiële nieuwe werknemers. Wij hebben goede ingenieurs en gepromoveerden nodig. Met Sentinels bouwen we een relatie op en zo kunnen we aan mensen komen als we ze nodig hebben.’

Toch heeft Goudsmits nog wel wat verbeterpunten. ‘Een probleempunt bij subsidies in het algemeen is hoe je de rechten op het intellectueel eigendom regelt. Binnen Sentinels lag dat nog iets ingewikkelder, omdat men er daar voor gekozen heeft niet alleen subsidie te verstrekken aan de academische instelling, maar ook een klein beetje aan het bedrijfsleven. Je legt een deel van het werk en de subsidie bij de industrie, dan is het vreemd als alle rechten op de kennis daarop automatisch bij de universiteit terechtkomen. Dat vind ik nog niet goed geregeld.’ Bovendien hebben academische instellingen en financiers vaak een te rooskleurig beeld van de bruikbaarheid en waarde van de gegenereerde kennis, stelt hij. ‘Ze hebben geen idee wat het nog kost om van een goed idee daadwerkelijk een product te maken. Wij moeten daar als bedrijf een veelvoud van de oorspronkelijke subsidie in investeren voordat we er daadwerkelijk geld mee kunnen gaan verdienen.’

Daarnaast is Goudsmits voorstander van een beperkte hoeveelheid partners per project. ‘Veel subsidieprogramma’s stellen als eis dat er van elke soort iemand meedoet: een groot bedrijf, een klein bedrijf, iets internationaals... Je kunt je onderzoek dan totaal niet meer focussen, en je ziet vaak dat er dan partners zijn die alleen meedoen voor de subsidie, maar totaal niet inhoudelijk betrokken zijn. Dat leidt tot projecten die kennis opleveren die voor niemand echt relevant is, en die dan op de plank verdwijnt. Je kunt het beste een project hebben zoals bij Sentinels waar maar enkele bedrijven aan meedoen, die er echt tijd en geld in willen steken. Dan heb je de meeste commitment, een langere en duidelijkere focus en de meeste kans op een product.’

 

Foto: Sjoerd van der Hucht Fotografie
Tekst: Sonja Knols, IngenieuSe